De ontwikkelingen rond het coronavirus, COVID-19, gaan razendsnel. In ons kennisportal over het coronavirus vindt u onze juridische artikelen en andere relevante content. Bekijk het kennisportal

  1. Home
  2. Kennis
  3. Publicaties
  4. Interview met Frans Knüppe, algemeen deken van de Nederlandse Orde van Advocaten

Interview met Frans Knüppe, algemeen deken van de Nederlandse Orde van Advocaten

Een nieuwe opleiding, een internationale blik, digitalisering, productvernieuwing en diversiteit; de algemeen deken van de Nederlandse Orde van Advocaten staat vierkant achter de normen en waarden van de advocatuur, maar is allerminst vastgeroest in oude tradities. “Er mag wel wat verschuiving komen in de monogame cultuur. Diversiteit is in het belang van kantoor én cliënt.”
Verschenen in: Samenspraak magazine
Auteur publicatie
Gepubliceerd 18 februari 2021
Laatst gewijzigd 18 februari 2021
Leestijd 

Eind 2018 nam Frans Knüppe afscheid van Dirkzwager. Hij bleef als advocaat aan het kantoor verbonden en zou twee dagen in de week actief zijn als landelijk bestuurslid van de Nederlandse Orde van Advocaten (NOvA). Dat liep anders. In maart 2020 werd Frans Knüppe verkozen tot landelijk deken van de NOvA. Ineens had hij weer een fulltime baan, maar wel ‘de kers op de taart’ van zijn carrière.

“Een eervolle positie en ook een bestuurlijk-politieke functie. Want de orde dient de belangen van de advocatuur als groep binnen de rechtsstaat. Dat is bij wet geregeld: de landelijke orde speelt een rol in de goede rechtsbedeling en de toegang tot het recht in het belang van rechtszoekenden. Dat is ons hoger doel, in alles wat wij doen.”

Oplossing zonder rechter

Dat rechtssysteem staat bij tijd en wijle wel ter discussie. Ook de advocatuur krijgt daarbij kritiek: advocaten zouden dossiers complexer maken dan nodig. Ze dragen geen oplossingen aan, maar willen de zaak uitvechten tot in de rechtbank. “Dat beeld herkennen wij als orde niet. De cliënt is leidend in wat er in een zaak gebeurt en de advocaat heeft de taak om eerst een oplossing te zoeken buiten de rechter om. Dat lukt ook in het overgrote deel van de gevallen. Het zou kortzichtig zijn om er een jarenlange strijd van te maken. Een cliënt die ziet dat je erin slaagt een snelle oplossing te regelen, komt een volgende keer bij je terug. Bewust rekken van een zaak is bovendien in strijd met de normen en waarden van de beroepsgroep. De advocaat loopt het gevaar door de tuchtrechter op de vingers te worden getikt.”

Integriteit en weerbaarheid

Tijden veranderen en dat heeft ook zijn weerslag op het beroep van advocaat. Daarom gaat de Nederlandse orde met ingang van maart 2021 een vernieuwde beroepsopleiding aanbieden.

“Hierin is minder aandacht voor de juridisch inhoudelijke vakken, kennis die je tijdens je studie al opdoet. De focus is meer gericht op vaardigheden en op abstracte waarden als integriteit en ethiek. En op weerbaarheid. Advocaten worden in sommige situaties meer en meer onder druk gezet of bedreigd. De jonge advocaten leren gespitst te zijn op vervelende situaties en hoe daarmee om te gaan.”

Digitale innovaties 

Als advocaat was Frans Knüppe al voorstander van innovaties en ook als deken omarmt hij vernieuwingen.
Daarbij kunnen de grotere advocatenkantoren naar zijn idee het voortouw nemen. Hij onderscheidt drie innovatiegebieden: “Ten eerste de digitalisering van procedures in de rechtspraak en de automatisering
bij kantoren. Daarin wordt al fors geïnnoveerd. Een klein lichtpuntje van deze coronatijd is dat dit versneld
gebeurt. Veel zittingen gaan nu via videobellen. Op zich vindt de orde dit een goede ontwikkeling,
zolang het de fysieke zittingen maar niet volledig gaat vervangen. Het is aan de partijen. Als iemand
liever naar de rechtbank komt, is dat een recht dat je moet honoreren.”

Als tweede noemt hij de ontwikkeling van digitale producten.

“Daar verwacht ik een belangrijke verschuiving. Zo kun je al via digitale tools aan geschillenbeslechting doen. Je voert de standpunten in en de tool geeft mogelijke uitkomsten. Ook zijn er tools op het gebied van ‘smart contracts’. Dit zijn voor de cliënten aantrekkelijke diensten en die ontwikkeling gaat ongetwijfeld verder.”

Alert op diversiteit

De derde innovatie bevindt zich op een wat abstracter niveau: diversiteit. “Is de advocatuur voldoende divers of is er sprake van een monomane cultuur? Als landelijke orde hebben we een innovatieplatform ‘Diversiteit’ georganiseerd en we stellen een klankbordgroep diversiteit in. Diversiteit in de breedste zin van het woord: kijkend naar zowel gender als naar culturele en maatschappelijke achtergrond. De dienstverlening van een kantoor zal naar mijn idee alleen maar sterker worden, als de club juristen breder is samengesteld. Ik denk dat het goed is om juristen niet enkel onder te dompelen in juridische kwesties, maar dat zij zien wat zich in het werkelijke leven afspeelt. Die extra bagage maakt je tot een wijzer advocaat en mogelijk een beter advocaat.

” Vooral grote kantoren zouden naar zijn idee op dit vlak kunnen innoveren, daar werken nu eenmaal meer mensen: “Maar je moet niet wachten tot het je overkomt; je moet proactief gericht zijn op diversiteit. Als kantoor trek je hierdoor meer en beter talent aan en grote cliënten geven steeds vaker de voorkeur aan een divers kantoor boven een organisatie met een monomane cultuur.”

Internationale inspiratie

“Sommige landen om ons heen zijn hierin al verder. Daar kun je inspiratie uit halen. Dat is de kracht van de internationale samenwerking,” aldus de deken, voorheen TELFA-president en nu Head of Delegation bij de CCBE, de Europese organisatie van nationale advocatenorden: “Je wisselt ervaringen en ideeën uit.” Zo is de self assessment-tool die de orde nu ontwikkelt geïnspireerd op initiatieven in het buitenland. Met deze vrijwillige tool kan een advocaat aan de hand van een analyse ontdekken of er nog verbeterpunten zijn. Knüppe: “Zo kun je in een heel veilige situatie aan je eigen kwaliteiten werken.” Dankzij die internationale samenwerking ziet de orde ook ontwikkelingen die in eigen land minder wenselijk zijn.

Neem het verschoningsrecht, het recht van de advocaat om als ‘geheimhouder’ in de rechtbank te zwijgen over vertrouwelijke informatie van zijn cliënt. Knüppe: “Onder invloed van Europese regelgeving wordt hier een beetje aan geknabbeld. Advocaten zouden in bepaalde gevallen die geheimhouding moeten loslaten. Ga je hieraan tornen, dan haal je een essentieel element van de rol van de advocaat onderuit. In het buitenland zie je waar dat soort stapjes uiteindelijk toe kunnen leiden. Kijk naar Polen en Hongarije, waar fundamentele rechtsbeginselen en de onafhankelijkheid van de rechtspraak ernstig onder druk staan.”

Stimuleren

Als jonge advocaat kreeg Knüppe bij Dirkzwager de kans om een jaar ervaring op te doen in Londen en om allerlei (internationale) bestuurlijke functies te vervullen. Dat zou hij de jonge generatie juristen ook gunnen:

“Juristen die een nevenfunctie vervullen of tijdelijk naar het buitenland gaan, leren in breder perspectief naar de rol van de jurist in de samenleving te kijken. Maar dan moeten de gevestigde kantoren de jonge advocaten daarin wel stimuleren en ruimte bieden. Als kantoor krijg je dat dubbel en dwars terug. Naarmate je die mogelijkheden creëert, groeit de loyaliteit van de jonge advocaten ten opzichte van kantoor. Dat vergroot de continuïteit. Kijk maar naar mij: ik ben inmiddels ruim 40 jaar aan Dirkzwager verbonden! Bovendien is het gunstig voor de dienstverlening aan je cliënten. Je krijgt wijzere advocaten met meer begrip voor allerlei zaken die spelen in de samenleving.”

Voor meer informatie over de Nederlandse Orde van Advocaten, zie advocatenorde.nl.

Naar publicatie