Zoeken
  1. Onvoldoende verificatie door aanbestedende diensten kan onrechtmatig zijn

Onvoldoende verificatie door aanbestedende diensten kan onrechtmatig zijn

De Haagse rechtbank heeft zich op 15 mei jl. uitgelaten over de vraag of een aanbestedende dienst zijn verificatieplicht had geschonden – en daarmee onrechtmatig handelde – door de winnende inschrijving slechts steekproefsgewijs te controleren op geldigheid. Hierin speelden een rol de concrete waarschuwingen vanuit een inschrijver voor ongeldigheid van de winnende inschrijving en een uitdrukkelijke verificatieplicht in de aanbestedingsstukken.
Verschenen in: Tender Nieuwsbrief juli 2019 / nr. 5
Auteur publicatieMerel van Helvoirt
Gepubliceerd05 augustus 2019
Laatst gewijzigd05 augustus 2019
Leestijd 

In de meest recente uitgave van de Tender Nieuwsbrief is een annotatie verschenen van Frank Cornelissen en Merel van Helvoirt. In hun annotatie gaan zij in op de verificatieplicht die op de aanbestedende dienst komt te rusten ingeval van “gerede twijfel” (of wanneer de aanbestedingsstukken zelf een dergelijke plicht bevatten) en hoe ver deze plicht reikt. Uit het door hen besproken vonnis volgt dat de verificatieplicht kan leiden tot onrechtmatigheid en schadevergoedingsplichtigheid wanneer sprake is van onvoldoende verificatie. Ook komt aan bod hoe het kort geding zich verhoudt tot de bodemprocedure: kan het nalaten een kort geding te voeren tegen een gunningsbeslissing de aanspraak op schadevergoeding in de weg staan? De auteurs betogen dat dit niet zo is, omdat deze procedures een geheel eigen functie vervullen.

Download publicatie