Te late implementatie Richtlijn gelijke beloning: wat zijn de juridische gevolgen?

3 februari 2026

Nederland gaat de implementatiedeadline van Richtlijn (EU)2023/970 niet halen. De Europese Commissie heeft herhaaldelijk benadrukt dat zij verwacht dat lidstaten de implementatietermijn respecteren. De richtlijn moet uiterlijk op 7 juni 2026 zijn omgezet, maar de nationale wetgeving treedt naar verwachting pas op 1 januari 2027 in werking. Dat leidt tot een juridische tussenfase. In het (aangepaste) concept-wetsvoorstel heeft de Nederlandse wetgever deze keuze expliciet bevestigd en vastgehouden aan een beoogde inwerkingtreding per 1 januari 2027. Wat betekent die tussenfase juridisch voorwerkgevers, werknemers en de staat?

Aletha Dera-ten Bokum
Aletha Dera-ten Bokum
Advocaat - Associate Partner
In dit artikel

Geen directe verplichtingen voor werkgevers

Het uitgangspunt in het Unierecht is dat richtlijnen geen horizontale rechtstreekse werking hebben. Dat betekent dat werknemers zich vanaf 7 juni 2026 niet rechtstreeks tegenover private werkgevers kunnenberoepen op de loontransparantierichtlijn. Ook na het verstrijken van de implementatietermijn ontstaan voor werkgevers dus niet automatisch afdwingbare verplichtingen uit de richtlijn.

Concreet houdt dit in dat private werkgevers in de tussenfase nog niet rechtstreeks kunnen worden verplicht tot bijvoorbeeld loonrapportage of het verstrekken van aanvullende beloningsinformatie op basis van de richtlijn alleen.

Wel indirecte doorwerking via de rechter

Dat betekent niet dat de richtlijn in de tussenfase betekenisloos is. Nationale rechters zijn verplicht het bestaande Nederlandse recht zoveel mogelijk richtlijnconform uit te leggen. In geschillen over gelijke beloning kan de richtlijn daarom een duidelijke rol spelen bij de invulling van open normen, zoals de uitleg van het gelijke behandelingsrecht en de bewijslastverdeling.

Die richtlijnconforme interpretatie kent grenzen: zij mag niet leiden tot een uitleg die strijdig is met het nationale recht. Nieuwe verplichtingen kunnen via deze route niet worden gecreëerd, maar bestaande normen kunnen wel strenger worden ingevuld.

Wél rechtstreekse werking tegenover de staat

In de verhouding tussen burgers en de staat ligt dit anders. Wanneer een richtlijn niet tijdig is geïmplementeerd, kunnen particulieren zich onder voorwaarden rechtstreeks beroepen op voldoende duidelijke en onvoorwaardelijke bepalingen tegenover de staat of een aan de staat toe te rekenen werkgever. Voor werknemers bij publieke werkgevers kan de richtlijn vanaf juni 2026 dus al directe betekenis krijgen.

Staatsaansprakelijkheid blijft een reëel risico

Daarnaast kan de Nederlandse staat aansprakelijk zijn voorschade die ontstaat door niet-tijdige implementatie. Dat vereist wel dat een werknemer concrete schade kan aantonen die rechtstreeks voortvloeit uit het ontbreken van nationale omzetting. In de praktijk zal dat geen eenvoudige routezijn, maar het risico bestaat wel degelijk.

Rapportageverplichtingen gelden nog niet

In de praktijk krijgen wij regelmatig de vraag of werk gevers in de tussenfase al gehouden zijn aan de rapportageverplichtingen uit de richtlijn. Dit is niet het geval.

De rapportageverplichtingen vergen nadere nationale uitwerking. Zij zijn niet zodanig duidelijk en onvoorwaardelijk dat zij in de tussenfase rechtstreeks kunnen worden afgedwongen. Werkgevers zijn daarom niet verplicht om over verslagjaar 2026 te rapporteren zolang de Nederlandse wetgeving ontbreekt.

Slot

De te late implementatie van de richtlijn loontransparantie creëert een juridisch relevante tussenfase. In die periode gelden de nieuwe verplichtingen nog niet volledig, maar kan de richtlijn wél doorwerken via richtlijn conforme interpretatie en tegenover de staat via rechtstreekse werking. Loontransparantie is daarmee geen kwestie van ‘alles of niets’, maar een kwestie van timing, rechtspositie en voorbereiding. Meer weten? Bekijk ook de eerdere delen uit deze reeks: deel één, deel twee, deel drie, deel vier, deel vijf en deel zes. Aarzel ook niet om contact met ons op te nemen via de contactpagina.

Gerelateerd

Regeerakkoord 2026–2030: wat betekenen de plannen voor arbeid en pensioen?

Op 30 januari 2026 hebben D66, VVD en CDA hun coalitieakkoord ‘Aan de slag’ gepresenteerd. Het akkoord bevat een breed pakket aan voorgenomen maatregelen op...

Werkgeversverplichtingen voor loontransparantie: de belangrijkste wijzigingen in het concept-wetsvoorstel

Op 19 januari 2026 heeft het demissionaire kabinet een aangepast concept-wetsvoorstel Wet implementatie Richtlijn loontransparantie mannen en vrouwen ter...

RVU-regeling 2026: wat betekent de nieuwe drempelvrijstelling voor cao’s?

De Regeling voor Vervroegd Uittreden (RVU) vormt al jaren een spanningsveld tussen het ontmoedigen van vervroegd uittreden en het bieden van maatwerk voor...

Uitbetaling vakantiedagen: telt pensioenpremie mee?

Bij het einde van de arbeidsovereenkomst worden niet-opgenomen vakantiedagen uitbetaald. Maar welke loonbestanddelen daarbij moeten worden meegenomen, is niet...

De OR en de pensioentransitie: dit zijn de valkuilen

De ondernemingsraad (OR) speelt een sleutelrol in de pensioentransitie. Pensioen is namelijk een arbeidsvoorwaarde, en wijzigingen daarin mogen niet zonder...

Intersectionele discriminatie onder de radar van de Richtlijn gelijke beloning

De EU-richtlijn 2023/970 inzake gelijke beloning heeft als doel ongerechtvaardigde loonverschillen tussen mannen en vrouwen structureel te verkleinen....
No posts found